BTW en alles wat je erover moet weten (deel 1)

0
47

Iedere ondernemer en particulier krijgt te maken met Belasting Toegevoegde Waarde (BTW). Dit wordt ook wel omzetbelasting genoemd. Wat BTW precies voor jou als ondernemer en wat de regels en uitzonderingen zijn zetten wij voor u op een rijtje.

Ben je BTW-plichtig?

Wanneer je een eigen bedrijf start ben je verplicht je in te schrijven bij de Kamer van Koophandel (KvK). Dit dient vaak fysiek te gebeuren waarbij je een KvK nummer verkrijgt. Daarnaast ontvang je een RSIN-nummer. Dit staat voor: Rechtspersonen en Samenwerkingsverbanden Informatie Nummer. Via dit nummer wordt er gecommuniceerd en informatie uitgewisseld met andere (overheids) organisaties, zoals bijvoorbeeld de Belastingdienst. Middels dit nummer worden de bedrijfsgegevens gecommuniceerd naar de Belastingdienst.

Vervolgens gaat de Belastingdienst vaststellen of jij als ondernemer BTW-plichtig bent of niet. Wanneer dit het geval is ontvang je per post een BTW-nummer voor je bedrijf. Wanneer dit niet het geval is wordt dit ook gecommuniceerd. In het tweede deel van deze blog kun je meer lezen over het BTW-nummer.

Wat is BTW nu eigenlijk?

BTW (omzetbelasting) is de af te dragen belasting over je toegevoegde waarde. Dit betekent dat de Belastingdienst alleen belasting heft over elke stap in het proces waar ‘waarde wordt toegevoegd’. Dit is logisch aangezien je anders belasting betaald over de belasting die is geheven op het product of dienst in de vorige stap van het proces.

De BTW die jij in rekening brengt wordt dus betaald door de eindgebruiker, dus de consument of niet BTW-plichtige ondernemer. Dit betekent dat er een BTW bedrag bovenop het bedrag wat jij voor jouw product of dienst in rekening brengt wordt geheven. Dit BTW bedrag dien je af te dragen aan de Belastingdienst die dit verrekent met het bedrag aan BTW waarvoor jij hebt ingekocht. Voor jou als ondernemer is de prijs exclusief BTW  van belang.

Voorbeeld BTW

Stel je voor dat je als ondernemer een unieke kast inkoopt bij Bedrijf A en hiervoor €1.000,- + €210,- aan BTW betaald. Bedrijf A heeft deze kast zelf gemaakt waarvoor hij materialen heeft moeten inkopen. Deze inkoopkosten van Bedrijf A zijn: €500,- + €105,- aan BTW. Vervolgens verkoop je de kast aan een particulier voor €1.500,- + €315,- aan BTW.

Bedrijf A van wie je de kast hebt gekocht heeft €210,- aan BTW van jou ontvangen en zelf €105,- aan BTW ingekocht. Per saldo moet Bedrijf A dus €105,- (€205,- – €105,-) aan de fiscus afdragen. Het kost bedrijf A niets, want de €210,- die hij van jou als BTW heeft ontvangen is over zijn verkoopbedrag wat hij voor de kast wilde hebben geheven. Dit betekent dat Bedrijf A geen kosten heeft.

Jij als ondernemer brengt €315,- aan BTW in rekening bij de particulier en betaald €210,- aan BTW aan bedrijf A. Per saldo moet je €105,- (€315,- – €210,-) afdragen aan de Belastingdienst. De consument betaald uiteindelijk €315,- (€210,- + €105,-) aan BTW die jij én bedrijf A bij inkoop moesten betalen. Dit betekent dat ook jij geen extra kosten hebt.

Ondernemer is belastinginner van de Belastingdienst

Zoals in bovenstaand voorbeeld is uitgelegd ben je als ondernemer dus niet de betaler maar een soort doorgeefluik voor de Belastingdienst. Waarom moet dit allemaal zo ingewikkeld geregeld zijn? Dat zit zo. Een productieketen kan soms heel lang zijn waardoor het niet altijd of misschien wel nooit helemaal duidelijk is waar die gaat eindigen. De uiteindelijke consument of niet BTW-plichtige moet uiteindelijk de BTW betalen. Door het op deze manier te organiseren kan de Belastingdienst dit reguleren en overzichtelijk maken.

Toch snappen wij dat het niet prettig voelt als je de omzetbelasting moet afdragen aan de Belastingdienst. Maar je kunt het ook zo bekijken, dat wanneer je je omzetbelasting moet afdragen, je dus ook goed hebt verkocht.

Tip: zet het geld wat je af moet dragen aan omzetbelasting aan de kant. Hierdoor kom je niet voor verrassingen te staan als je de omzetbelasting moet betalen.

 In deel 2 en deel 3 zullen we meer uitleggen over BTW.